In de bodem van de gemeente Brielle (Brielle, Zwartewaal en Vierpolders) zijn in de loop der tijd verschillende bijzondere archeologische vondsten gedaan. Deze vondsten vertellen ons over de bewoners in dit gebied, vanaf de steentijd tot en met de middeleeuwen.

De vroegste bewoners van het gebied rondom Brielle, ca. 9.000 jaar geleden, kwamen door te jagen aan voedsel. Later (3000 v Chr.) ging ook landbouw een rol spelen. In de ruim 2000 jaar daarna veranderde de omgeving in een moerassig gebied, waaruit bewoners wegtrokken. In de IJzertijd (800 v. Chr tot het begin van onze jaartelling) werd door een betere afwatering bewoning weer mogelijk. In de Romeinse tijd (tot 400 na Chr.) waren er zelfs flink wat boerderijen in het gebied te vinden. In de vroege middeleeuwen ontstond er echter weer moeras, wat in de late middeleeuwen werd ontgonnen en drooggelegd. Diverse overstromingen bleven het gebied bedreigen. Bewoners polderde echter steeds meer stukken overstroomd land in, wat er voor zorgde dat Voorne net als Putten tot één eiland groeide. In de late middeleeuwen ontstond het stadje Brielle, dat vooral in de 14de eeuw uitgroeide tot een stad van aanzien door onder andere handel en visserij.

Het museum toont in een interactieve presentatie verschillende bijzondere archeologische vondsten, van steentijd tot middeleeuwen. In 2016 werden aan de Burgemeester van Sleenstraat, een voormalig kloosterterrein, nog een aantal belangrijke vondsten opgegraven toen er op die plek archeologisch onderzoek werd gedaan.